Consequenties van verordening (EC) 765/2008 op het RvA beleid t.a.v. buitenlandse accreditatie


Op 1 januari 2010 wordt de nieuwe EU-verordening over Accreditatie en Markttoezicht (EC) 765/2008 geïmplementeerd. In het bijzonder artikelen 6 en 7 beïnvloeden het beleid van de accreditatie-instellingen in de EU en EFTA landen ten aanzien van de accreditatie van conformiteit­beoordelende instellingen buiten de eigen grenzen. Een conformiteit­beoordelende instelling zal vanaf de genoemde datum uitsluitend accreditatie verzoeken bij de nationale accreditatie-instelling. Uitsluitend in het geval dat deze nationale accreditatie-instelling niet in staat is de gevraagde accreditatie te verlenen, of dit binnen de scope van de EA-Multilateral Agreement (EA-MLA) te doen, of indien de lidstaat geen nationale accreditatie-instelling heeft aangewezen, kan een conformiteitbeoordelende instelling accreditatie aanvragen bij een andere (buitenlandse) nationale accreditatie-instelling.

De verordening heeft consequenties voor het beleid van de RvA ten aanzien van het accrediteren in de landen binnen de EU en EFTA en in andere landen met een door de overheid aangewezen nationale accreditatie-instelling die ondertekenaar is van de EA-MLA. De RvA zal haar activiteiten in deze landen moeten staken en heeft hiertoe het volgende beleid vastgesteld:

1. Na 31 december 2009 verleent de RvA geen accreditatie meer aan instellingen in de boven bedoelde landen. Omdat het verlenen van accreditatie het resultaat is van een proces dat, vanaf de ontvangst van de aanvraag, normaliter 6-9 maanden in beslag neemt, accepteert de RvA geen aanvragen meer uit deze landen die na 31 juli 2009 worden ontvangen.

2. Na 31 december 2009 vernieuwt de RvA geen bestaande accreditaties meer van instellingen in de bedoelde landen, die verlopen na deze datum. De desbetreffende instellingen zullen een formele brief van de RvA ontvangen, uiterlijk zes maanden voordat de accreditatie verloopt, waarin bevestigd wordt dat geen herbeoordeling zal worden gepland. Op verzoek van de conformiteitbeoordelende instelling kan de RvA informatie verstrekken over de resultaten van de accreditatiebeoordelingen in de voorbije cyclus, ter ondersteuning van het proces van accreditatie door de nationale accreditatie-instelling.

3. Bij de instellingen bedoeld onder punt 2, voert de RvA controles uit, en kunnen eventuele verzoeken tot uitbreiding van de scope behandeld worden, in overeenstemming met RvA reglement RvA-R2 en de EA cross frontier policy (EA-2/13), totdat deze accreditaties uiterlijk op 31 december 2013 verlopen.

Dit beleid is niet van toepassing indien artikel 7 lid 1 van de EU-verordening van toepassing is. Indien in een lidstaat geen nationale accreditatie-instelling is aangewezen, de nationale accreditatie-instelling de desbetreffende activiteiten niet accrediteert of de nationale accreditatie-instelling geen EA-MLA ondertekenaar is voor de desbetreffende activiteiten mag de RvA haar accreditatiediensten verlenen in deze landen.

Het RvA beleid inzake accrediteren in deze landen en in landen buiten het bereik van de EU-verordening en de EA-MLA wijzigt niet en zal in overeenstemming blijven met het EA, IAF en ILAC cross frontier accreditation beleid.